Een eeuw georganiseerd schaatsplezier

 Rond een van de koudere winters in de vorige eeuw richtte een aantal Baambruggers een ijsclub op. Het is, 29 oktober 1908, dat de toenmalige burgemeester van Abcoude-Baambrugge W. Sandberg, initiatief nam tot het oprichten van een ijsclub. Aan dat initiatief wordt heden ten dagen nog invulling gegeven. Bij de IJsclub Baambrugge is afgelopen jaren wel het een en ander gepasseerd. Het riviertje de Angstel werd als ijsbaan ingewisseld voor een perfect functionerende landijsbaan. Bovendien heeft een van de schaatsende leden van deze ijsclub mondiaal gezien tot de schaatstop behoord. Maar er zijn ook dieptepunten geweest, zoals het moment dat de complete baanverlichting van de ijsclub middels het bord met daarop de tekst "te koop" schijnbaar van de hand werd gedaan. Het zijn allemaal stukjes die thuis horen in de thans honderdjarige geschiedenis van de Baambrugse IJsclub. Maar nog markanter in het gehele bestaan van deze honderdjarige ijsclub is dat in het jaar waarin de honderd werd bereikt de oude vertrouwde landijsbaan of de schop ging en plaats moest maken voor woningen. …..maar dat betekende niet het einde van schaats plezier in Baambrugge. Nee er komt een echte schaats- annex skeelerbaan voor terug.

 

 

Oprichting IJsclub Baambrugge

Naast burgemeester Sandberg was Saam van der Lee een van de oprichters van de ijsclub. Van der Lee was een verdienstelijk rijder. Naast voorzitter Sandberg en secretaris Van der Lee vormde de heren Van Schaik penningmeester, De Groot en Goes het eerste bestuur van de ijsclub. Van der Lee bleef bijna 50 jaar bestuurslid van de ijsclub, vlak voor het vijftigjarig jubileum moest de ijsclub afscheid nemen van deze eerste bestuurder. Bij het 50 jarig jubileum van de club, dat in de lokalen van het dorpscafé van Meerman werd gevierd, werden er nog drie leden huldigt die op dat moment vijftig jaar lid waren. Dat gebeurde door de toenmalige voorzitter, ook reeds vierentwintig jaar bestuurslid, de heer Bruin Portengen. Je kunt dus rustig stellen dat de (bestuurs)leden van de ijsclub trouw zijn aan hun vereniging. Momenteel is dat nog zo want de huidige voorzitter van Schaik werd in de 1974 in het bestuur gekozen terwijl medebestuurslid Samplonius al van vanaf 1966 in functie is.

 

 

Angstel als ijsbaan

Het lag voor de hand dat de Angstel werd gebruikt als landijsbaan. Toch was het ijs op de Angstel niet altijd even strek. Maar als het sterk was werd er snel verlichting opgehangen. Palen in de berm langs de Rijksstraatweg vanaf de boerderij Padenburg tot aan de boerderij Elba in de Binnenweg vormde de basis van de verlichting. Bij sterk ijs waren die palen en dus de verlichting snel neergezet en konden de leden van de ijsclub ook 's avond schaatsen. Weghalen van de palen en verlichting na een vorst periode was een andere zaak. Ooit gebeurde het in de zestigerjaren dat er aan een van de verlichtingspalen het bord "te koop" op werd gespijkerd. Gelukkig waren de palen toen rond Pasen in opslag gegaan en waren de kopers te laat. Het gezelligste punt van de ijsbaan was ongetwijfeld de koek-en-zopie-tent die onder de treurwilg bij Nelis werd geplaatst. De familie Meerman zorgde daarvoor, ook hing daar aan een paal van de PEUM, de meterkast voor de baanverlichting.

 

Soms konden de jeugdige schaatsers, zoals in de winter van 1963 geen genoeg van krijgen en schakelde dan weer illegaal het licht aan als het bestuur het op zeker moment genoeg had gevonden. Door de toestroom van schaatsers en met name het publiek bij wedstrijden was er altijd het gevaar van door het ijszakken op de Angstel. Al in de dertigerjaren werd er in Baambrugge naar een alternatief gezochten de Molenvliet werd als ijsbaan geopperd, daartoe werd toestemming gevraagd aan het polderbestuur. De afsprak werd toen gemaakt dat als de vlag in top ging het betekende dat er sterk ijs was. Maar ondanks alles was de Angstel een geliefde ijsbaan. Toerschaatsers konden daar uit de voeten, zwieren was mogelijk en er werden ook de nodige hardrijderijen voor de jeugd en volwassenen verreden. Markant is het verhaal uit de strenge winter van 1963. Door scheuren en sneeuw was het ijs van de Angstel zo slecht geworden dat het onverantwoord was om er op te schaatsen. De baan lag er hopeloos bij. De ijsbaan op de Angstel is toen met veel moeite onder water gezet en lag de baan er weer zo redelijk bij dat er een wedstrijd met koppels, 2 mannen en 2 vrouwen, kon worden verreden.

 

 

Wedstrijd kostte Penningmeester geld

 Naast het schaatsen is er door de bestuderen van de ijsclub veel gesproken over financiële zaken. Mogelijk dat een van de doelstellingen van de vereniging namelijk "doelmatige werkverschaffing" op het ijs daaraan ten grondslag heeft gelegen. Vast staat echter wel dat ten tijden van een strenge winter het kasboek van de penningmeester meer posten bevatte dan tijdens een ijsloze winter. Bij jaren van geen vorst werd er verdiend en werd er in de dertigerjaren zelfs geld naar de Boerenleenbank gebracht. Dat geld moest na een winter met veel wedstrijden weer worden opgenomen. Tijdens de winter van 1941 kostte het de penningmeester helemaal geld. Hij sloot de kas af met een nadelig saldo van 20 gulden. Gelukkig stonden er nog 58 gulden op de Boerenleenbank, zodat het tekort kon worden aangezuiverd. Oorzaak van de tekorten waren de 5 grote wedstrijden die er werden verreden op de Angstel. Zo was er voor de estafettewedstrijd 24 gulden aan prijzengeld te verdelen geweest, terwijl dat bij de kinderwedstrijden 18 gulden was geweest. Rond de zestigjaren waren die uitgaven nog hoger. Op 28 december was er bij een hardrijderij voor dames en heren niet minder dan 60 gulden te verdienen.  

 

 

 

Landijsbaan

 Rond de zestigerjaren, met name na de strenge winter van 1963 met Reinier Paping als winnaar van een barre elfstedentocht, kwamen er meer en meer stemmen op om een stuk land te gebruiken als ijsbaan. Voorzichtig werd er door de bestuursleden gepolst bij de gemeentelijke bestuurders in Abcoude. Zo was er een plan voor een landijsbaan op het land boven de wetering van Jan Lam. Dat plan ging niet door, na enig heen en weer praten kwam in 1966 het idee van de huidige landijsbaan. Het voormalige, goed gedraineerde, voetbalveld was een geschikte locatie. In een IJsclub bestuursvergadering van 25 september 1967, na het akkoord van de gemeente Abcoude waren de taken snel verdeeld. Gijs Moerman informeerde naar de prijzen van het grondwerk, Griffioen besprak zaken rond de lichtinstallatie met de Oranjevereniging. Richelman ging in overleg met de Puem en de bestuursleden Veenstra en Samplonius zouden het veld uitwaterpassen en opmeten en Bertus Fluit zou een waterpomp kopen. De door Fluit gekochte waterpomp is cruciaal geweest voor de ijsclub. Immers deze pomp zorgde voor het water op de immer lekkende landijsbaan. Met moeite heeft de ijsclub, middels een afstandverklaring in 2003, afscheid genomen van deze meer dan 200 kilogram wegende gietijzeren centrifugaal pomp.

Voorzitter van Schaik neemt afscheid van de waterpomp

De huidige water voorziening wordt via een klein eenvoudig dompelpompje geregeld. Deze pomp zorgt ervoor dat er een laagje water van zo'n 10 tot 15 centimeter op de landijsbaan staat op het moment dat het gaat vriezen. Bij het invallen van de vorst kan er dan vaak al na drie nachten lichte tot matige vorst geschaatst worden. Op zo'n moment weten veel schaatsliefhebbers, en de media, de weg naar het Baambrugse ijs te vinden. Het is er dan een gezellige drukte bij een sfeervolle verlichting. Net als op de Angstel organiseert de Baambrugse ijsclub ook op de landijsbaan wedstrijden. Kortebaanwedstrijden voor de jeugd en afvalwedstrijden voor de ouderen. Ook bekend zijn de ijshockey wedstrijden, de jeugdelfstedentocht en niet te vergeten de vermaarde prikslee wedstrijden. Op 20 augustus 2008 kwam er echter een einde aan deze landijsbaan. Voorzitter Cor van Schaik overhandigde de sleutel van het clubgebouw "De Doorloper" bij de landijsbaan aan de aannemer die met de voorbereidende werkzaamheden voor de nieuwbouw op de landijsbaan was begonnen. De periode van de eerste landijsbaan in Baambrugge 1967 - 2008 was daarmee afgesloten. Op naar de nieuwe landijsbaan.

Een topper

 Nederland heeft vele schaatstoppers gekend. Ook binnen IJsclub Baambrugge zijn er altijd goede schaatsenrijders geweest. Schaaters namen als Korver, Mebus, Voorneveld, Bos en De Groot waren altijd goed voor het hardrijden op de schaats. Nu zijn het rijders met de namen Donkervoort, Van Schaick, Griffioen en De Pijper die snelle tijden op de klokken weten neer te zetten. Er zijn ook namen die weer meer thuishoren in het schoonrijden. Denk daarbij aan de naam Moerman of Fluit.

 

Toch is er een die er behoorlijk uitspringt. De absolute topper binnen het IJsclub Baambrugge schaatsen is Christine Aaftink. De schaatsster met de bijnaam "de beer van Baambrugge" is maar liefst zeven keer Nederlandskampioen op de sprint te worden. Deze crack was deelneemster aan maar liefst drie olympische winterspelen (1988, 1992 en 1996). Tot slot was ze de eerste Nederlandse schaatsster die de 500 meter binnen de 40 seconden reed. Die prestatie werd neergezet op 23 maart 1996 op het ijs van Calgary. Haar tijd: 39.88 werd gereden op vaste schaatsen. Overigens is er bestuurlijk wel wat gesproken over deze snelle schaatsster, want op zeker moment werd ze trainingslid van een andere ijsclub. Persoonlijk bleef Christine echter trouw aan haar Baambrugse ijsclub, daar had ze bij het jeugdschaatsen de slag te pakken gekregen. De reden van de overstap was niet bij alle Baambrugse ijsclub bestuderen duidelijk. Later benoemde de algemene vergadering van IJsclub Baambrugge Aaftink tot erelid.

 

 
 

100 jaar IJsclub Baambrugge

 

100 jaar is niet niks

100 jaar dat is niet niks. IJsclub Baambrugge heeft in 2008 deze gedenkwaardige leeftijd bereikt. Dat betekent dat er feest gevierd is. Een commissie heeft heel veel voorbereidend werk gedaan. In het najaarsnummer van het clubblad (september 2008) van IJsclub Baambrugge werd het feestprogramma gepresenteerd en zijn historische verhalen uit het recente verleden beschreven. Het grote feest werd gevierd van 29 oktober tot en met 1 november 2008. Er was een syntetische ijsbaan in Baambrugge, de Koninklijke Erepenning werd uitgereikt en er was een feestelijke Boerenkost maaltijd in het dorpshuis. Daarnaast waren er nog tal van andere leuke activiteiten

 

 

 

 

 

 

 

IJsclub Baambrugge

Onderscheiden met de Koninklijke Erepenning

 

Zo kom je bij de afronding van een overzicht tot de stelling dat er veel vergaderd is in de club. Vast staat dat er altijd vergaderd werd in het belang van het schaatsen. Dat schaatsen hing echter af van de omstandigheden, wat dat betreft kon het voor de Baambrugse IJsclub in die vijfennegentig jaar niet koud genoeg zijn.

 

 

 

 

 


Honderd jaar IJsclub Baambrugge

Opgericht 29 oktober 1908



  
 

  

Historie van de IJsclub

In 2008 bestond IJsclub Baambrugge 100 jaar. De Historische Kring Abcoude/Baambrugge heeft  in haar tijdschrift "Angstelkroniek" de geschiedenis van deze ijsclub onder woorden brengen. Honderd jaar schaatsplezier in Baambrugge in beeld. Dit is een goed initiatief van de Historische Kring om het verleden vast te leggen. In de honderd jaar is er immers wel wat gebeurd op schaatsgebied. Binnen kort het allemaal lezen in de "Angstelkroniek". Dirk de Groot spitte ook eens in het archief en tekende het volgende op:

U treft hieronder voor een goede beeldvorming van hoe het was rondom het honderdjarig bestaan de editie van de "Angstelkroniek", de najaarsclubkrant 2008 en het voorjaarsnummer van 2009. Daarmee heeft u een beeld van de viering van 100 jaar IJsclub Baambrugge 



 

Een eeuw georganiseerd schaatsplezier

 Rond een van de koudere winters in de vorige eeuw richtte een aantal Baambruggers een ijsclub op. Het is, 29 oktober 1908, dat de toenmalige burgemeester van Abcoude-Baambrugge W. Sandberg, initiatief nam tot het oprichten van een ijsclub. Aan dat initiatief wordt heden ten dagen nog invulling gegeven. Bij de IJsclub Baambrugge is afgelopen jaren wel het een en ander gepasseerd. Het riviertje de Angstel werd als ijsbaan ingewisseld voor een perfect functionerende landijsbaan. Bovendien heeft een van de schaatsende leden van deze ijsclub mondiaal gezien tot de schaatstop behoord. Maar er zijn ook dieptepunten geweest, zoals het moment dat de complete baanverlichting van de ijsclub middels het bord met daarop de tekst "te koop" schijnbaar van de hand werd gedaan. Het zijn allemaal stukjes die thuis horen in de thans honderdjarige geschiedenis van de Baambrugse IJsclub. Maar nog markanter in het gehele bestaan van deze honderdjarige ijsclub is dat in het jaar waarin de honderd werd bereikt de oude vertrouwde landijsbaan of de schop ging en plaats moest maken voor woningen. …..maar dat betekende niet het einde van schaats plezier in Baambrugge. Nee er komt een echte schaats- annex skeelerbaan voor terug.

 

 

Oprichting IJsclub Baambrugge

Naast burgemeester Sandberg was Saam van der Lee een van de oprichters van de ijsclub. Van der Lee was een verdienstelijk rijder. Naast voorzitter Sandberg en secretaris Van der Lee vormde de heren Van Schaik penningmeester, De Groot en Goes het eerste bestuur van de ijsclub. Van der Lee bleef bijna 50 jaar bestuurslid van de ijsclub, vlak voor het vijftigjarig jubileum moest de ijsclub afscheid nemen van deze eerste bestuurder. Bij het 50 jarig jubileum van de club, dat in de lokalen van het dorpscafé van Meerman werd gevierd, werden er nog drie leden huldigt die op dat moment vijftig jaar lid waren. Dat gebeurde door de toenmalige voorzitter, ook reeds vierentwintig jaar bestuurslid, de heer Bruin Portengen. Je kunt dus rustig stellen dat de (bestuurs)leden van de ijsclub trouw zijn aan hun vereniging. Momenteel is dat nog zo want de huidige voorzitter van Schaik werd in de 1974 in het bestuur gekozen terwijl medebestuurslid Samplonius al van vanaf 1966 in functie is.

 

 

Angstel als ijsbaan

Het lag voor de hand dat de Angstel werd gebruikt als landijsbaan. Toch was het ijs op de Angstel niet altijd even strek. Maar als het sterk was werd er snel verlichting opgehangen. Palen in de berm langs de Rijksstraatweg vanaf de boerderij Padenburg tot aan de boerderij Elba in de Binnenweg vormde de basis van de verlichting. Bij sterk ijs waren die palen en dus de verlichting snel neergezet en konden de leden van de ijsclub ook 's avond schaatsen. Weghalen van de palen en verlichting na een vorst periode was een andere zaak. Ooit gebeurde het in de zestigerjaren dat er aan een van de verlichtingspalen het bord "te koop" op werd gespijkerd. Gelukkig waren de palen toen rond Pasen in opslag gegaan en waren de kopers te laat. Het gezelligste punt van de ijsbaan was ongetwijfeld de koek-en-zopie-tent die onder de treurwilg bij Nelis werd geplaatst. De familie Meerman zorgde daarvoor, ook hing daar aan een paal van de PEUM, de meterkast voor de baanverlichting.

 

Soms konden de jeugdige schaatsers, zoals in de winter van 1963 geen genoeg van krijgen en schakelde dan weer illegaal het licht aan als het bestuur het op zeker moment genoeg had gevonden. Door de toestroom van schaatsers en met name het publiek bij wedstrijden was er altijd het gevaar van door het ijszakken op de Angstel. Al in de dertigerjaren werd er in Baambrugge naar een alternatief gezochten de Molenvliet werd als ijsbaan geopperd, daartoe werd toestemming gevraagd aan het polderbestuur. De afsprak werd toen gemaakt dat als de vlag in top ging het betekende dat er sterk ijs was. Maar ondanks alles was de Angstel een geliefde ijsbaan. Toerschaatsers konden daar uit de voeten, zwieren was mogelijk en er werden ook de nodige hardrijderijen voor de jeugd en volwassenen verreden. Markant is het verhaal uit de strenge winter van 1963. Door scheuren en sneeuw was het ijs van de Angstel zo slecht geworden dat het onverantwoord was om er op te schaatsen. De baan lag er hopeloos bij. De ijsbaan op de Angstel is toen met veel moeite onder water gezet en lag de baan er weer zo redelijk bij dat er een wedstrijd met koppels, 2 mannen en 2 vrouwen, kon worden verreden.

 

 

Wedstrijd kostte Penningmeester geld

 Naast het schaatsen is er door de bestuderen van de ijsclub veel gesproken over financiële zaken. Mogelijk dat een van de doelstellingen van de vereniging namelijk "doelmatige werkverschaffing" op het ijs daaraan ten grondslag heeft gelegen. Vast staat echter wel dat ten tijden van een strenge winter het kasboek van de penningmeester meer posten bevatte dan tijdens een ijsloze winter. Bij jaren van geen vorst werd er verdiend en werd er in de dertigerjaren zelfs geld naar de Boerenleenbank gebracht. Dat geld moest na een winter met veel wedstrijden weer worden opgenomen. Tijdens de winter van 1941 kostte het de penningmeester helemaal geld. Hij sloot de kas af met een nadelig saldo van 20 gulden. Gelukkig stonden er nog 58 gulden op de Boerenleenbank, zodat het tekort kon worden aangezuiverd. Oorzaak van de tekorten waren de 5 grote wedstrijden die er werden verreden op de Angstel. Zo was er voor de estafettewedstrijd 24 gulden aan prijzengeld te verdelen geweest, terwijl dat bij de kinderwedstrijden 18 gulden was geweest. Rond de zestigjaren waren die uitgaven nog hoger. Op 28 december was er bij een hardrijderij voor dames en heren niet minder dan 60 gulden te verdienen.  

 

 

 

Landijsbaan

 Rond de zestigerjaren, met name na de strenge winter van 1963 met Reinier Paping als winnaar van een barre elfstedentocht, kwamen er meer en meer stemmen op om een stuk land te gebruiken als ijsbaan. Voorzichtig werd er door de bestuursleden gepolst bij de gemeentelijke bestuurders in Abcoude. Zo was er een plan voor een landijsbaan op het land boven de wetering van Jan Lam. Dat plan ging niet door, na enig heen en weer praten kwam in 1966 het idee van de huidige landijsbaan. Het voormalige, goed gedraineerde, voetbalveld was een geschikte locatie. In een IJsclub bestuursvergadering van 25 september 1967, na het akkoord van de gemeente Abcoude waren de taken snel verdeeld. Gijs Moerman informeerde naar de prijzen van het grondwerk, Griffioen besprak zaken rond de lichtinstallatie met de Oranjevereniging. Richelman ging in overleg met de Puem en de bestuursleden Veenstra en Samplonius zouden het veld uitwaterpassen en opmeten en Bertus Fluit zou een waterpomp kopen. De door Fluit gekochte waterpomp is cruciaal geweest voor de ijsclub. Immers deze pomp zorgde voor het water op de immer lekkende landijsbaan. Met moeite heeft de ijsclub, middels een afstandverklaring in 2003, afscheid genomen van deze meer dan 200 kilogram wegende gietijzeren centrifugaal pomp.

Voorzitter van Schaik neemt afscheid van de waterpomp

De huidige water voorziening wordt via een klein eenvoudig dompelpompje geregeld. Deze pomp zorgt ervoor dat er een laagje water van zo'n 10 tot 15 centimeter op de landijsbaan staat op het moment dat het gaat vriezen. Bij het invallen van de vorst kan er dan vaak al na drie nachten lichte tot matige vorst geschaatst worden. Op zo'n moment weten veel schaatsliefhebbers, en de media, de weg naar het Baambrugse ijs te vinden. Het is er dan een gezellige drukte bij een sfeervolle verlichting. Net als op de Angstel organiseert de Baambrugse ijsclub ook op de landijsbaan wedstrijden. Kortebaanwedstrijden voor de jeugd en afvalwedstrijden voor de ouderen. Ook bekend zijn de ijshockey wedstrijden, de jeugdelfstedentocht en niet te vergeten de vermaarde prikslee wedstrijden. Op 20 augustus 2008 kwam er echter een einde aan deze landijsbaan. Voorzitter Cor van Schaik overhandigde de sleutel van het clubgebouw "De Doorloper" bij de landijsbaan aan de aannemer die met de voorbereidende werkzaamheden voor de nieuwbouw op de landijsbaan was begonnen. De periode van de eerste landijsbaan in Baambrugge 1967 - 2008 was daarmee afgesloten. Op naar de nieuwe landijsbaan.

Een topper

 Nederland heeft vele schaatstoppers gekend. Ook binnen IJsclub Baambrugge zijn er altijd goede schaatsenrijders geweest. Schaaters namen als Korver, Mebus, Voorneveld, Bos en De Groot waren altijd goed voor het hardrijden op de schaats. Nu zijn het rijders met de namen Donkervoort, Van Schaick, Griffioen en De Pijper die snelle tijden op de klokken weten neer te zetten. Er zijn ook namen die weer meer thuishoren in het schoonrijden. Denk daarbij aan de naam Moerman of Fluit.

 

Toch is er een die er behoorlijk uitspringt. De absolute topper binnen het IJsclub Baambrugge schaatsen is Christine Aaftink. De schaatsster met de bijnaam "de beer van Baambrugge" is maar liefst zeven keer Nederlandskampioen op de sprint te worden. Deze crack was deelneemster aan maar liefst drie olympische winterspelen (1988, 1992 en 1996). Tot slot was ze de eerste Nederlandse schaatsster die de 500 meter binnen de 40 seconden reed. Die prestatie werd neergezet op 23 maart 1996 op het ijs van Calgary. Haar tijd: 39.88 werd gereden op vaste schaatsen. Overigens is er bestuurlijk wel wat gesproken over deze snelle schaatsster, want op zeker moment werd ze trainingslid van een andere ijsclub. Persoonlijk bleef Christine echter trouw aan haar Baambrugse ijsclub, daar had ze bij het jeugdschaatsen de slag te pakken gekregen. De reden van de overstap was niet bij alle Baambrugse ijsclub bestuderen duidelijk. Later benoemde de algemene vergadering van IJsclub Baambrugge Aaftink tot erelid.

 

 
 

100 jaar IJsclub Baambrugge

 

100 jaar is niet niks

100 jaar dat is niet niks. IJsclub Baambrugge heeft in 2008 deze gedenkwaardige leeftijd bereikt. Dat betekent dat er feest gevierd is. Een commissie heeft heel veel voorbereidend werk gedaan. In het najaarsnummer van het clubblad (september 2008) van IJsclub Baambrugge werd het feestprogramma gepresenteerd en zijn historische verhalen uit het recente verleden beschreven. Het grote feest werd gevierd van 29 oktober tot en met 1 november 2008. Er was een syntetische ijsbaan in Baambrugge, de Koninklijke Erepenning werd uitgereikt en er was een feestelijke Boerenkost maaltijd in het dorpshuis. Daarnaast waren er nog tal van andere leuke activiteiten

 

 

 

 

 

 

 

IJsclub Baambrugge

Onderscheiden met de Koninklijke Erepenning

 

Zo kom je bij de afronding van een overzicht tot de stelling dat er veel vergaderd is in de club. Vast staat dat er altijd vergaderd werd in het belang van het schaatsen. Dat schaatsen hing echter af van de omstandigheden, wat dat betreft kon het voor de Baambrugse IJsclub in die vijfennegentig jaar niet koud genoeg zijn.

 

 

 

 

 


Honderd jaar IJsclub Baambrugge

Opgericht 29 oktober 1908



  
 

  

Historie van de IJsclub

In 2008 bestond IJsclub Baambrugge 100 jaar. De Historische Kring Abcoude/Baambrugge heeft  in haar tijdschrift "Angstelkroniek" de geschiedenis van deze ijsclub onder woorden brengen. Honderd jaar schaatsplezier in Baambrugge in beeld. Dit is een goed initiatief van de Historische Kring om het verleden vast te leggen. In de honderd jaar is er immers wel wat gebeurd op schaatsgebied. Binnen kort het allemaal lezen in de "Angstelkroniek". Dirk de Groot spitte ook eens in het archief en tekende het volgende op:

U treft hieronder voor een goede beeldvorming van hoe het was rondom het honderdjarig bestaan de editie van de "Angstelkroniek", de najaarsclubkrant 2008 en het voorjaarsnummer van 2009. Daarmee heeft u een beeld van de viering van 100 jaar IJsclub Baambrugge